Energie-Blog

André Jurres

30 okt 2017
159

Vorige week werd met veel aandacht het startschot gegeven door vier energieministers in België van een online enquete waar iedereen in België aan mee kan doen.  Het spreekt vanzelf dat je eerst dingen zelf moet proberen alvorens er iets over te kunnen zeggen en ondergetekende heeft daarom met veel interesse alle pagina’s ingevuld.

Dat ik na het invullen een beetje op mijn honger bleef zitten is ook normaal want de enquete is niet bedoeld voor mensen zoals mijzelf en zo heb ik hem nog eens ingevuld met het idee dat ik niks van de energiesector zou afweten.

Tot mijn eigen verbazing kwam ik er al snel achter dat een aantal van de vragen gewoon niet correct te beantwoorden zijn zonder voldoende kennis te hebben over de impact van een ja of nee.  Daar wil ik niet mee zeggen dat de vragen of antwoorden fout zouden zijn, alleen zijn ze dan naast de kwestie.  De vragen zelf zijn voor leken zelfs in een aantal gevallen suggestief en duwen je in een bepaalde richting.

De vragen over onze kerncentrales zijn op z’n minst niet volledig daar alle communicatie die de bevolking over zich heen heeft gehad de laatste tien jaar alleen maar negatief was.  In een dergelijk klimaat is het antwoord wat we kunnen verwachten dan ook niet verrassend te noemen.  Mijn prognostiek is dat een grote meerderheid zal zeggen dat de kerncentrales dicht moeten wegens bijvoorbeeld veiligheidsproblemen.

Nu ben ik geenszins een voorstander van deze oude technologie, echter, het is niet eerlijk en vooral naast de kwestie om de vraag te stellen zonder ook een oplossing aan te bieden.  Natuurlijk wilt (bijna) iedereen de kerncentrales dicht hebben, alleen kan dit niet van vandaag op morgen.  Uiteraard duwt de politiek op deze manier een hete aardappel richting de bevolking en rekent zij erop dat het antwoord toch negatief zal zijn en men zo alternatieven eenvoudiger erdoor kan krijgen.

Welke alternatieven we ook bedenken, ze gaan allemaal heel veel geld kosten en een groot deel van onze (en komende generaties) spaarcenten opeten.  Daarmee wil ik nog niet zeggen dat ik negatief ben over de enquête, want het is goed om de bevolking te informeren. Alleen getuigt het niet van veel moed om daar geen richting bij aan te geven.

Hopelijk volgt er veel meer communicatie naar de bevolking, maar dan over een onderbouwde keuze en enkele alternatieven.  De keuzes die gemaakt worden zijn immers hard, heel hard en gaan soms pijn doen.  Het spreekwoord “zachte heelmeesters maken stinkende wonden” gaat helemaal op voor ons energievraagstuk. Dat Nederland zwaar inzet op CCS (Carbon Capture Storage) is dapper, maar verre van zeker. Dus dat we dezer dagen euforische berichten krijgen dat onze windmolens op zee records draaien is mooi, maar eigenlijk niet meer dan meer van hetzelfde.

Voorstellen alsof enkele dagen stormwind onze energiebehoeften voor een groot deel gaan dekken is foutief, de Duitse windmolens bewijzen dit al vandaag in de energiemix.  Er is eenvoudigweg geen plaats voor de capaciteit die wij nodig hebben voor wind en zon in Noord-West Europa, zelfs niet om alleen al de groei aan te kunnen.  Om nog maar te zwijgen van de echte uitdaging waar we voorstaan en maar geen schot in lijkt te komen; onze uitstoot zwaar terugdringen.  De Benelux kaart van fijn stof is er een om te huilen en het is goed dat in het Nederlandse Parlement (de Tweede Kamer) hier binnenkort een inhoudelijk debat over komt.  Dat de minister van Economie (EZ) ook klimaat bij zich krijgt is wellicht heel correct, want economische groei zorgt vandaag automatisch voor meer uitstoot (Nederland vorig jaar +1%), hetgeen nogmaals bewijst dat ook ons economisch model  aangepast dient te worden.  Onze sector alleen kan niet zomaar oplossingen uit zijn hoed toveren als alternatief voor kolen, olie en gas.

Eén van de meest duurzame oplossingen om onze uitstoot terug te dringen is het introduceren van duurzame economische groei. En dat is niet hetzelfde als de absolute groei waar wij al decennia op rekenen. 

Ook in Nederland lezen we in bijvoorbeeld het FD dat batterijen grote toekomst hebben en dat de Googles van deze wereld er van dromen om onze autobatterij morgen te gebruiken om de pieken en dalen op het energienet mee te kunnen opvangen.  Buiten de vragen die men zich kan stellen over het verdienmodel, zijn de oplossingen toch eerder bescheiden van omvang en wellicht leuk in een “juppen wijk” met veel Tesla’s, maar totaal onrealistisch in onze netten zonder zware investeringen.

De hoeveelheid energie die wij overdag nodig hebben om onze economie draaiende te houden in de wereld van morgen overstijgt de capaciteit van alle elektrische auto’s die we morgen op de weg hebben rijden.  In Noorwegen lopen ze nu al tegen problemen aan met de paar elektrische voertuigen op de weg (wel iets meer dan paar, maar de netbeheerders waren toch verrast dat ze al zo snel in de problemen komen).

Terugkomend op de enquête van de Belgische energieministers mogen we terecht kritisch zijn over de toegevoegde waarde, maar wel positief blijven over het feit dat er overleg is tussen de verschillende regio’s.  Wellicht komt er toch nog iets van een gezamenlijk gedragen energiepact/akkoord/visie op papier dat een start kan geven tot debat in parlement die op het einde van de dag toch gekozen zijn om knopen door te hakken. Het zal niet meer voor deze regering zijn vrees ik, maar wellicht krijgen we toch nog een menu waaruit we dan in de toekomst gaan moeten kiezen, ook al gaan we waarschijnlijk ook nog geen kijk krijgen op de factuur. Ben benieuwd of men boven de 5% gaat komen met de enquête...