Energie-Blog

André Jurres

13 mrt 2011
129

De afgelopen dagen heeft zowat iedereen zijn mening gegeven over wat er fout loopt met onze energiehuishouding en dat is zeker positief. Het bespreekbaar maken is de eerste stap naar een wil om tot een gebalanceerd en succesvol energiebeleid te komen. De hernieuwde motivatie van de regionale en federale politiek (federaal is natuurlijk enigszins vrijblijvend vermits er eerst een nieuwe regering dient te komen) om samen via een werkgroep genoemd de Statengeneraal geuit door minister Freya vanden Bossche (het klinkt wel heel koninklijk, maar ik vind dit wel passen in het rijtje van Koninklijke verkenners, onderhandelaars, preformateurs, formateurs, etc. Het moet toch belangrijk klinken, nietwaar? Op voorbaat mijn excuses voor deze enigszins ironische ondertoon maar deze dient men maar te begrijpen daar Dhr. Camps terecht opmerkte dat de nodige studies allang voorradig zijn om tot de nodige conclusies te moeten komen. Wat wellicht wel nog ontbreekt, is ervoor te zorgen dat ons energiebeleid terug sexy wordt voor investeerders (zoals dit was in de jaren zeventig) zodat er meer geïnvesteerd wordt in productie. Wat mij wel opvalt, is dat men een beetje blijft steken in de klassieke slogans van we hebben meer grootschalige productie nodig. Kijk naar onze noorderburen waar men vier kolen- en acht gascentrales in aanbouw heeft, en dit lijkt me toch wel iets tekort door de bocht.  Zeggen dat onze noorderburen een goed uitgelanceerd energiebeleid hebben is de waarheid wel serieus geweld aan doen, na de uitverkoop van hun middelgrote energiebedrijven aan het buitenland heeft men zijn beleid als het ware aan het buitenland gegeven. Dat ze dit in Nederland te danken hebben aan Dhr. Brinkhorst die zo nodig het braafste jongentje in de klas wou zijn (lees Europa heeft op een bepaald ogenblik gezegd dat netwerk en productie van elkaar gescheiden moest zijn, op zich ben ik het hier mee eens maar het is nooit opgelegd aan alle landen). Het non-beleid van zijn opvolgster mevrouw van der Hoeven die er in geslaagd is om gedurende haar ganse termijn zo goed als geen een maatregel qua beleid te nemen of te ontwikkelen (als beloning wordt ze nu baas van het International Energy Agency wat toch zorgwekkend is voor een dergelijke belangrijke instelling). Nederland heeft bijvoorbeeld ook geen duurzaam energiebeleid, of dat is niet helemaal waar, de Wild West hebben ze gehad, ieder jaar weer nieuwe verrassingen, gewoon dodelijk voor investeerders. Wat we als eerste dienen te ontwerpen is hoe wij willen dat onze energiehuishouding er binnen twintig tot dertig jaar uit ziet, dit dient te gebeuren alvorens men de praktische vragen gaat beantwoorden. Eén van de eerste praktische vragen is hoe moet onze fuel mix eruit zien? Persoonlijk denk ik dat men zich niet teveel moet richten naar de Europese 2020-objectieven want die liggen al vast en die zijn al realiseerbaar binnen acht jaar.  Een energiebeleid denkt tientallen jaren vooruit en dat we dit nodig hebben blijkt inderdaad uit de achterstand die we nu hebben gekregen op het vlak van nieuwe investeringen. Men moet ook een beetje aan thinking out of the box doen anders blijven we teveel steken in het verleden van grote inefficiënte centrales en dus het  verspillen van onze schaarse fossiele brandstoffen. Als overheid moet je de durf hebben om te streven naar verbetering en niet naar het behoudt van het status quo. De oproep van verschillende politici (waaronder onze huidige ontslagnemende premier) om de kerncentrales langer open te houden is begrijpelijk (vanuit budgettair oogpunt daar ze hopen veel meer dan de huidige 250 miljoen euro te verkrijgen door gewoon de druk op te voeren) maar getuigt niet van moed.  Onze oude centrales zijn geen oplossing voor de toekomst. Dat we het geld gebruiken van het langer openhouden om aan de toekomst te bouwen van een duurzaam, decentraal en efficiënte energiehuishouding is te rechtvaardigen maar dit dient dus te passen in een energiebeleid. De mededeling deze week van het IEA dat we onze kerncentrales langer dienen open te houden is weinig verrassend te noemen, wat jammer is dat het IEA niet met een visie en beleidsnota komt voor de toekomst. Ben benieuwd of wij er in België en zijn gewesten Vlaanderen/Wallonië in gaan slagen om via de Statengeneraal tot een energiebeleid te komen met een duidelijke visie op onze toekomst?