Energie-Blog

André Jurres

24 mrt 2014
146

Deze week ontving ik twee keer een uitnodiging om deel te nemen aan het bouwen van een nieuw energiepact. Nu, de uitnodiging van CD&V om op zaterdag jl. te praten over een nieuw energiepact bleek enigszins misleidend. Het woord pact - zo werd toegelicht - had een andere lading want het is niet de bedoeling om in detail te gaan of doelstellingen te definiëren.

Dat neemt niet weg dat ieder initiatief om vanuit politieke hoek over energie te debatteren als positief kan gezien worden, ook al zijn het natuurlijk wel verkiezingstijden. Het energievraagstuk staat trouwens ineens weer op de agenda na de recente gebeurtenissen in de Krim, maar zonder verdere escalatie richting Oost-Oekraïne zal de storm van verontwaardiging weer snel gaan leggen.

Terugkomend op de zaterdagvoormiddag kan ik zeggen dat enkele politici toch spraken van nieuwe inzichten, wat op zich opvallend was want niemand zei nieuwe dingen of had de tijd om in enig detail te treden. Eén van de interessante bemerkingen was, dat in de toekomst elektriciteitsproductie op andere wijze zou dienen betaald te worden, gezien de steeds grotere onvoorspelbaarheid door wind en zon. Een zogenaamd stand-by tarief voor productie die als reserve dient, of gewoon veel minder draaiuren werkt, wordt door velen gezien als de volgende stap.

Ook werd er openlijk gezegd dat de biomassamarkt (dan toch vooral biogas als ik de vele problemen zie in dit deel) momenteel te weinig ondersteuning krijgt en dat de volgende regering er snel iets zal moeten aan doen of er blijft niet veel biomassa over in Vlaanderen (en België voor wat betreft biogas).

De politici van de CD&V die dit organiseerden waren zoals gezegd duidelijk over hun doel van deze bijeenkomst en het schrijven van een pact was er niet een van. Gek dat men dan wel refereerde naar het zogenaamde recente Nederlandse energiepact. Op mijn vraag in de zaal wie de meer dan 60 pagina's gelezen had antwoordde niemand. Wel, zoals ik al eerder heb gezegd, was ik wel lijdend voorwerp van dit document en het blonk uit in vaagheid. Met pact zal men bedoelen dat de verschillende betrokken partijen zijnde politiek, werkgevers, werknemers, etc. zijn handtekening had gezet onder het document en dat was wat mij betreft, de enige verdienste van dit document.

Om te beginnen mis ik zelfs een gedeelte visie waar het heen moet in Nederland met de energiesector en hoe deze sector er het best zou uitzien in de toekomst en welke actoren je daar voor nodig hebt (en middelen). Geen enkele concrete doelstelling, buiten de zoals steeds verwijzing naar de Europese 2020 (en 2030) doelstellingen, die op hun beurt vaag zijn daar iedere lidstaat zo'n beetje zelf bepaalt hoe zij deze doelen gaat behalen.

Terugkomend op de zaterdag vond ik wel dat er terecht gezegd werd dat er keuzes dienen gemaakt te worden. Zelf hou ik meer van het woord speerpunten zodat duidelijk is waar het zwaartepunt ligt. Een klein land als België en een nog kleinere regio als Vlaanderen zal inderdaad zorgvuldig moeten kiezen waar we in gaan investeren. Tot nu toe is een technologie met de nodige dynamiek en succes uitgerold en dat is PV. De bijna 3 GW geïnstalleerd vermogen in België (waarvan meer dan 2 GW in Vlaanderen) mag gerust een groot succes genoemd worden, alleen is de bevoegde Minister van Energie in Vlaanderen erin geslaagd om iedereen hierover een minderwaardigheidscomplex aan te praten.

Vlaanderen en zijn inwoners mogen trots zijn dat in minder dan vijf jaar meer dan 200.000 installaties werden gebouwd op een totaal van 2,6 miljoen gezinnen. Dat wil grofweg zeggen dat op meer dan 10% van de huizen een PV-installatie is aangebracht.

Als je bijvoorbeeld hiermee het aantal geslaagde windmolenprojecten bekijkt, dan zegt dit genoeg. Terecht zei iemand van Aspiravi dat het ontwikkelen van een windmolenproject in Vlaanderen toch wel een processie van Echternach is en daarin heeft hij volledig gelijk. Deze ontwikkelaar van windmolenprojecten, die ondanks zijn publieke aandeelhouders ook voorwerp is van totale willekeur, de ene keer door provincies, de andere keer door het NIMBY-syndroom. Nu dient de waarheid ook te zeggen dat wind in Vlaanderen geen grote potentie heeft, daar we nu eenmaal in een volgebouwd gebied wonen.

De keuzes die gemaakt moeten worden de komende jaren en decennia zijn enorm en ik hoop maar dat een partij als CD&V met zijn studiedienst in overleg met de sector, de tijd zal nemen om speerpunten te kiezen en deze vooral te toetsen (en testen) op hun degelijkheid alvorens ze op de markt los te laten. Dat men zich niet vergist want dit is een groot werk van vele maanden om alleen al in samenwerking met vele experts tot een eerste analyse te komen inclusief de voorbereiding van de juiste wet- en regelgeving.

De andere uitnodiging kwam van Elia die als facilitator optreedt voor de sector om samen een energiepact te bouwen en hier hoop ik gaat men wel de tijd nemen om voldoende richting en detail voor te bereiden. Natuurlijk zal zelfs een energiepact geschreven door de sector zelf getoetst moeten worden door de politiek, want uiteindelijk zal er een breed draagvlak moeten zijn voor de uitvoering ervan. Gezien we het slechte voorbeeld van het Nederlandse energiepact kunnen gebruiken, die eigenlijk zou moeten dienen als beginlectuur zodat een aanvang van inhoud kan worden gemaakt voor het Belgische stuk. Wordt zeker vervolgd de komende maanden.