Energie-Blog

André Jurres

11 jul 2016
136

De Vlaamse regering heeft vorige week wederom een stap genomen in het streven om onze doelstellingen te behalen tegen 2020 (o.a. 10,3% duurzame energie) door concrete doelstellingen te zetten voor wind en zon.

Met onder andere 280 nieuwe windmolens en 6,4 miljoen zonnepanelen wenst men zijn doelstellingen te bereiken en wilt men ook nog een aantal obstakels wegwerken om dit mogelijk te maken.

Wat zijn deze obstakels en zal er aan alles gedacht worden of is dit ook een beetje een vlucht voorwaarts? Vergeet men niet de andere delen die evenveel belang hebben in de oplossing? En wat met de andere technologieën die al in de markt zijn en moeilijkheden ondervinden door ander overheidsinterventies?

Er zijn vandaag veel obstakels voor windmolen ontwikkelaars en investeerders om snel genoeg te gaan, een van de grote obstakels zijn de vele procedures die men ondergaat in het verkrijgen van de vergunning en de bezwaren die erop volgen. Als men deze niet gaat aanpakken dan kan ik nu al voorspellen dat de doelstellingen geen enkele kans maken.

Men zou de ganse procedure van aanvraag tot definitieve toekenning dienen te beperken tot maximum 12 maanden. De introductie van een dergelijk wet/regelgeving is absoluut noodzakelijk en de vraag is nog maar of Vlaanderen alleen daar de machtsmiddelen voor heeft. Naar Nederlands voorbeeld van de crisis- en herstelwet (in het leven geroepen in het recente verleden om vanuit een economische crisis de economie te helpen sneller infrastructuur projecten te realiseren) dient Vlaanderen en eigenlijk ook België (inclusief de andere regio's) dit onverwijld te introduceren.

Ze kunnen hiervoor buigen op de ervaring van de Nederlandse buren en voor een deel dus een kopij maken van deze wet en zelfs nog het voordeel hebben om te leren van de zwakheden van deze wet.

Een ander groot probleem is het feit dat enkele ontwikkelaars op een agressieve manier zowat heel Vlaanderen in optie hebben genomen waardoor vele projecten elkaar in de weg zitten door binnen eenzelfde zone allemaal een eigen stuk/windmolen te willen ontwikkelen. Dit zelf heb ik ook al meegemaakt daar wij bijvoorbeeld een windmolen wensen te zetten op een site waar ook een biogascentrale van NPG staat en zo de duurzame energie op een efficiëntere wijze kan functioneren.

Dit is zeer moeilijk geworden om dat sinds jaren ontwikkelaars opties hadden afgesloten met lokale eigenaren en deze mensen overeenkomsten hebben laten tekenen waaraan ze geketend zitten voor vele jaren.

De overheid dient hier specifieke regelgeving voor te schrijven dat geen enkele optie langer dan drie jaar kan dienen en ook een Vlaamse adviesraad met bevoegdheden in het leven roepen om te bemiddelen wanneer ontwikkelaars er onderling niet uitkomen. Indien nodig moeten zij zelf de richting kunnen aangeven om het zo mogelijk te maken dat windmolenparken toch gebouwd kunnen worden.

Verder dient de overheid te kijken naar de escalatie van de grondprijzen voor het plaatsen van windmolens, deze staan in geen enkele normale verhouding meer en dit zou geplafonneerd moeten worden. Dit is belangrijk om de subsidie voor wind steeds competitiever te maken en de risico's voor investeerders te doen afnamen. Voor 400 m² tot 2000m2 wordt gemakkelijk 30000 euro per jaar betaald voor gronden die normaal aan 1000-1500 euro per hectare worden verpacht.

Meer dan 5000 euro per jaar is zeker niet nodig en verder dient de overheid ook grondeigenaren te bewegen om hun grond ter beschikking te stellen door bijvoorbeeld een belastingvoordeel te geven op deze inkomsten. Mocht dit niet voldoende zijn dient de overheid een verplichting in het leven te roepen gezien de schaarste van gronden en gebieden waar windmolenparken kunnen komen. Het verduurzamen is er voor iedereen met al zijn voordelen, maar ook zijn verplichtingen.

Ondertussen lijkt de uitgesproken doelstelling ook voor een deel een vlucht voorwaarts want de les in Duitsland is indachtig waar men al reusachtige uitdagingen heeft om de huidige wind en zonne-energie in goede banen te leiden en er constant opgewekte duurzame energie verloren gaat zonder dat deze lokaal gebruikt wordt zijn oplossingen nodig voor grootschalige opslag en reservecapaciteit.

Dat grote gascentrales massaal sluiten is op zich een feit wegens niet competitief en flexibel genoeg, maar het achterwege blijven van kleinere massaal uitgerolde kleinere gascentrales in combinatie met warmtebenutting is wel zorgwekkend.

Het woord is er nu, maar waar blijft de daad, een klein voorbeeld, de Vlaamse overheid zou graag tegen 2020 minstens 20 waterstoftankstations hebben, maar enige ondersteuning lijkt moeilijk en het venijn zit hem nu eenmaal in de laatste paar percenten. Ook geen woord over het uitbouwen van meer groen gas in Vlaanderen en al helemaal geen ideeën over het beter benutten van de digistaat stromen.

Maar we dienen het signaal van de nieuwe Vlaamse minister van energie en de ganse Vlaamse regering als positief te zien op voorwaarde dat men nu ook bereid is om ieder detail uit te werken zodat de doelstellingen daadwerkelijk mogelijk worden.