Energie-Blog

André Jurres

24 feb 2014
136

Deze week werd in de media gemeld dat in Wallonië een grote concessie vergund was aan het leveranciersbedrijf Lampiris. Deze concessie, die de laatste drie decennia in handen was van Electrabel, bleek over een waterkrachtcentrale te gaan (La Plate Taille). Men sprak van 140 MW of het equivalent van 60 windmolens.

Nu blijkt er wel enige Babylonische spraakverwarring te zijn opgetreden (vrij vertaald de commerciële enthousiastelingen hadden vrij spel) over de juiste term en vooral het vrij beschikbare vermogen. Het moge duidelijk zijn dat in een land als België wij niet beschikken over waterkrachtcentrales die continue (basislast energie aan 8760 uren per jaar) elektriciteit produceren. Wat is het dan wel, wel het blijkt meer een pompcentrale te zijn dan een elektriciteitscentrale.

Als ik mijn zakenpartner Jacques goed begrijp kan men dit vrij vertalen als een 1 MW centrale en komt men dus aan 1/3 windmolen. Nu op zich blijft het nuttig om je portfolio van wind en zon te ondersteunen met dergelijke capaciteit, maar het is jammer dat men er niet in slaagt om correct te informeren en zelfs heel ver van de waarheid zit. De drang zal wellicht groot geweest te zijn om dit nieuws naar buiten te brengen gezien Lampiris veel nieuw geld heeft binnengekregen met de komst van twee (semi) overheidsinstituten zijnde SRIW en GIMV. Op zich ook niks mis mee want het is goed dat er in onze sector wordt geïnvesteerd.

Wat ik wel steeds vaker zie is dat veel van de zogenaamde geldstromen richting snelgroeiers gepaard gaan met snellere risico's. Als ik zie dat dergelijke bedrijven achtergestelde leningen aan gemakkelijk 10% ter beschikking stellen is het geen wonder dat onze sector in moeilijkheden is. Wellicht voor degene die het niet weten, de overheid heeft de rendementen bepaald die je mag verdienen in de duurzame productiesector. Reken nooit meer dan 12% IRR want dat zit er niet in (buiten degene die toevallig (lees stom geluk) enkele jaren geleden in zonnepanelen projecten hebben geïnvesteerd. Ja, ik ook op een project, maar alle andere PV projecten zit je tussen de 8 á  10 percent). Als je dan op je zogenaamde eigen vermogen (wat het eigenlijk niet is want het ter beschikking stellen van achtergestelde leningen zou je alleen maar mogen laten gelden als eigen vermogen als het ook de aandeelhouders zijn) 10% jaarlijks intrest moet gaan betalen dan ben jij eigenlijk je eigen graf aan het graven.

Daar komt nog eens bij dat de terugbetalingcapaciteit voor duurzame projecten de eerste jaren nul is want de banken verwachten eerst dat je een reserve opbouwt (genaamd dscr) en er dus zo maar weinig geld over blijft. Als je dan nog eens in de beginjaren een tegenvaller hebt (bijvoorbeeld een jaar met 20% minder wind) kom je direct in de problemen.

Ook hier dient de overheid via zijn regulator een rol te spelen door ervoor te zorgen dat de bedrijven die subsidie aanvragen ook aantonen dat ze de eerste jaren voldoende eigen middelen (kapitaal of achtergestelde leningen van dezelfde aandeelhouders) hebben.

De bijkomende druk die je nu ook ziet bij het bancaire gedeelte waar bedrijven het steeds moeilijker hebben om lange termijn leningen af te sluiten maakt de druk op de aflossing van het vreemd vermogen nog groter. Tel je daarbij de zeer lage elektriciteitsprijzen op de beurs en je zit in zwaar weer.

Iedereen in de energiesector (die producent is) heeft het moeilijk op dit ogenblik in noordwest Europa ,maar zelfs in een moeilijke markt komen er opportuniteiten en opportunisten.

Het bod van bijvoorbeeld een publieke intercommunale zoals Tecteo mag gezien worden als opportunistisch. Niemand begrijpt (van ver of dichtbij) wat een dergelijk bedrijf komt doen in de duurzame energiemarkt. Het is al verwonderlijk dat een publiek bedrijf zelfs een bod lanceert zonder eerst de markt te raadplegen (lees zijn aandeelhouders), en dan nog een bod dat er eigenlijk geen is. Het bod op een deel van Electrawinds (lees de spreekwoordelijke krenten in de pap zijnde de windactiviteiten in België en Frankrijk) is vandaag eigenlijk niet mogelijk in een WCO2. Als je in een dergelijke WCO zit gaat het puur over het voortbestaan van het bedrijf zoals het vandaag bestaat met al zijn onderdelen en niet alleen over de verkoop van bepaalde delen (assets).

Wanneer de rechter zou beslissen dat de continuïteit van de onderneming niet meer mogelijk is, kan hij een WCO3 aankondigen en kan eender wie op de delen bieden die worden aangeboden (en/of het geheel). Het is af te wachten of de bestaande aandeelhouders (de meerderheid) in staat zijn om een plan voor te stellen wat aanvaard wordt als haalbaar voor de ganse entiteit en niet alleen een deel ervan. Is dit dan niet meer dan spielerei voor het echte werk begint?