Energie-Blog

André Jurres

10 nov 2015
113

Dezer dagen vallen de records als bladeren van de bomen, mama klimaat zet haar beste beentje voor om dag na dag ons aangenaam te verrassen met recordtemperaturen. De eerste dagen van november zijn op zich allemaal goed voor een recordtemperatuur, zowel overdag als 's nachts. Wellicht wilt Moeder Aarde ons een bericht sturen richting Parijs en kunnen we hopen op terrasweer in december?

Zo'n vaart zal het wel niet lopen, maar of toeval bestaat en deze extreme temperaturen voorbodes zijn op meer, dat zullen we wel zien. Vorige week kwam in Nederland het jaarlijks rapport uit, genaamd Nationale Energieverkenning 2015. Het lijvig werk geeft vooral een goede weergave van het actuele, maar de voorspellingen hebben toch een hoog speculatief karakter.

Voorspellingen kunnen we gerust laten voor wat ze zijn, maar een paar zaken ontbraken volledig in het rapport die toch wel als belangrijk kunnen aanzien worden. Toeval?

Hier enkele van de belangrijkste ontbrekende zaken:

- Er wordt nergens in het document melding gemaakt van het potentieel (en de noodzaak) om duurzame energievormen zoals wind en zon te kunnen opslaan en de impact die dit zal hebben op de werking van onze sector (zowel qua investeringen, werking van onze netten, dragers en gebruikers van deze energie en de kostprijs van deze gestockeerde energie). Indien duurzame energie nuttig en grootschalig wordt in onze toekomstige energiemix, dan zal opslag noodzakelijk zijn. Dit kan via batterijen diep in de lokale netten, maar meer nog kan windenergie bijvoorbeeld, naast elektriciteit te leveren (als het nodig is), ook omgezet worden in waterstof en/of gas. Men ziet nu al dat men in Duitsland op de grenzen botst van wat wind kan bijdragen (nuttig) gedurende windrijke dagen en dat grote hoeveelheden geproduceerde windenergie nu gratis de grens over gaan. Iedere geproduceerde KWh in de toekomst mag niet verloren gaan en het in reserve houden van massale hoeveelheden flexibele gascentrales is geen zaligmakende oplossing.
- Vraag : heeft men bewust opslag van elektriciteit achterwege gelaten?
- Biomassa, in uw rapport staat wel het belang van biomassa, alleen valt mij op dat het belang niet met cijfers werd onderbouwd. Zo is het bijstoken in kolencentrales eerder een randfenomeen en heeft dit eerder een bescheiden groeipotentieel gezien de beschikbare wereldreserves in houtchips/-pellets (120-140 miljoen ton). Wat nog opvallender is, is dat biogas niet als aparte productiebron vermeld staat, terwijl we vooral daar lokaal een enorme stroom aan afvalproducten van hebben zodat we deze niet per boot vanuit Canada dienen te halen (lees: de houtchips). Nederland heeft gemiddeld een 30 miljoen varkens die ieder jaar 30 miljoen ton mest produceren, doe daar de 3,5 miljoen runderen bij (stijgt naar 6-7 miljoen door het loslaten in Europa van de melkquota) die ieder 45-50 ton mest produceren en je hebt de mogelijkheid om relatief eenvoudig 3-5 BCM gas te maken. Hiervoor moet de overheid natuurlijk wel een beleid ontwikkelen wat we met het mest doen nadat het gas er is uitgehaald en het niet laten dumpen (wat nu gebeurt) op onze akkers. Biogas heeft in Nederland nog een groot groeipotentieel, alleen vergt dit een aantal aanpassingen aan wet-en regelgeving (en een aantal nieuwe beleidslijnen).

In relatie tot het eerste punt wil ik ook nog even de aandacht vestigen op de voordelen om een aantal zaken met onze zuiderburen (lees België) af te stemmen en zelfs voor een deel de strategie te integreren. Naast de goede inter-connectie op het vlak van gas en elektriciteit hebben we ook het grootste waterstofnetwerk in de wereld. Ook zijn de noden van België wat betreft elektriciteitsproductie zeer aanvullend gezien de krapte die zij kennen. Ook hebben beide relatief kleine open economieën er baat bij om nauwer samen te werken gezien onze grote buren (Duitsland, Frankrijk en Engeland) een eigen koers varen. Dit punt is natuurlijk een stuk moeilijker qua implementatie, maar in het verleden hebben beide landen met succes het initiatief genomen om Europa mee op te bouwen.

Hierbij de link waar je rapport zelf kunt downloaden (alleen voor de diehards gezien het rapport vlot over de 270 pagina's gaat).

www.ecn.nl/nl/energieverkenning

Ik heb deze opmerkingen ook gestuurd naar de instanties in Nederland die dit rapport geschreven hebben met de vraag of bovenstaande onderwerpen bewust achterwege zijn gelaten.

Ik merk trouwens dat ook politieke partijen dezelfde doelen achterna lopen en dat de zogenaamde oplossingen heel veel op elkaar lijken. Wetende dat de huidige uitbouw van wind en zon absoluut geen oplossing vormen voor een succesvolle volledige uitbouw naar een duurzame energiehuishouding, toch opvallend te noemen. Nu gaat men de spreekwoordelijke kaas vaak halen bij anderen, maar toch hoop ik dat men open staat om te beseffen dat we nu al tegen de limieten beginnen aan te lopen van de eerste duurzame uitbouw. Of het nu financieel is door grote subsidiebedragen die ermee gemoeid zijn of de opgewekte groene stroom die massaal verloren gaat, we stoten nu al tegen de limieten.

Eén van de redenen kan zijn dat men vooral luistert naar fabrikanten over wat mogelijk is. Of je nu wagenfabrikant, windmolenfabrikant of energiebedrijf bent, ze vinden allemaal de weg naar de belangrijke beslissers. Zowat 80% van de gesprekken die onze Europese commissarissen van klimaat en energie voeren zijn met deze partijen. Men ziet ook dat men succes heeft met deze lobby-inspanningen naar het slap akkoord over de uitstoot van dieselwagens de komende jaren.

Nu, iedereen heeft hier boter op zijn hoofd, ook wijzelf. Klimaat is en blijft een optie, een nice to have, minder uitstoot zeker, maar dat mag niet ten koste gaan van werkgelegenheid, belastinginkomsten, marktpositie van dominante spelers, onze eigen keuzes, etc..

Positief blijft toch dat het nu vooral de individuele bedrijven en particulieren zelf zijn die steeds luider roepen op een globaal akkoord en hier actief aan meewerken en dat onze sector zichzelf aan het heruitvinden is en de spelers van vandaag niet noodzakelijk de spelers van morgen zullen zijn.