Energie-Blog

André Jurres

7 nov 2017
97

Alle positieve berichten ten spijt is er in Vlaanderen in 2016 minder groene stroom geproduceerd en komt zo een voorlopig einde aan de jarenlange stijging.  De doping met grootschalige biomassa heeft, zoals al meermaals bewezen, een korte levensduur van zodra men de geldkraan dichtdraait daar brandstof nu eenmaal geld kost.

Nu is de keuze van Vlaanderen om in de toekomst zonder grootschalige biomassa verder te gaan de enige juiste, want de verbranding in oude kolencentrales die zijn omgebouwd blijft verre van efficiënt en is vooral niet duurzaam.

Ook in Nederland worstelt men enorm met de bijverbranding van houtpallets/chips in kolencentrales en gaan de miljarden Euro’s jaarlijks letterlijk door de schoorsteen naar buiten.  Dat men zo de levensduur van kolencentrales eigenlijk verlengt is een pervers bijeffect op een moment dat Nederland zijn uitstoot van broeikasgassen maar niet omlaag krijgt.  Dat de kersverse regering zijn doelstellingen nu nog verder omhoog brengt is lovenswaardig maar weinig realistisch gezien het huidig parcours.

Men rekent op een verder succes van bijvoorbeeld de windmolenparken op zee en ook dat is een gok.  Dat de concessies de deur uitvliegen mag dan wel waar zijn en dat er bijna gratis gebouwd gaat worden rekent men zich te snel rijk.  Dat men er bijna automatisch vanuit gaat dat een sector blijft innoveren en dat bijvoorbeeld de windmolens steeds groter zullen worden is te gemakkelijk.  De eerste Iphone of Ipad mag dan wel baanbrekend geweest zijn al hun opvolgers waren dat niet.

Hiermee maak ik geen vergelijking, alleen wil ik hiermee duiden dat innovatie niet vanzelf gaat en zeker geen verworven recht is. Zeker als de marges onder druk komen te staan of bijna naar het nulpunt gaan zullen de fabrikanten ook minder geneigd zijn om miljarden in onderzoek en ontwikkeling te gaan steken als hun klanten geen geld meer verdienen.

Het alarm dat vorige week door de Verenigde Naties werd afgegeven mag duidelijk zijn, we halen de doelstellingen van Parijs niet aan dit tempo en we hebben minstens twee Parijs verdragen nodig voor we er zijn.   Eigenlijk probeert men vooral meer van hetzelfde door zo snel mogelijk naar de marginale kost te komen ongeacht of dit nu een negatief effect heeft op ontwikkeling.  Goedkope energie of deze nu fossiel of duurzaam is heeft nu eenmaal een directe impact op de economische groei.

Energie zou eigenlijk correct geprijsd moeten zijn, lees: dus veel duurder, zodat de ambitie vooral is om er minder van te gebruiken.  Een ander goed voorbeeld in Nederland en België is het stop en go beleid aangaande “duurzame” wagens.  Het fiscale regime wijzigt constant omdat men eigenlijk geen beleid heeft en men met kruimels probeert om een gedragswijziging op gang te zetten.

En toch moeten we in oplossingen blijven denken, één van de eerste zaken die moet wijzigen op beleidsniveau is het centraal zetten van sturen op reductie van broeikasgassen zoals methaan en CO2.  Het bouwen van duurzame productie blijft natuurlijk zijn plaats behouden maar zou veel minder centraal moeten staan en men dient in zijn communicatie vooral duidelijk te maken wat de reductie op bijvoorbeeld CO2 moet zijn ieder jaar tot 2030. 

Een ander redelijk teveel besproken idee blijft het opslaan van CO2 onder de grond, de vergelijking met kernafval is sprekend, hebben we geen oplossing dan dumpen we het onder de grond of in zee.  Dat we zo de komende generaties opzadelen met heel dure opslagtechnologie voor duizenden jaren schijnt niemand meer te boeien, nochtans dien je deze kost eigenlijk mee te nemen in je investering.  Hierdoor wordt hij trouwens automatisch onbetaalbaar.  Zonder nog maar te spreken van de risico’s die hiermee verbonden zijn , vermits we dingen gaan doen die we nog nooit gedaan hebben.

De vele vaten met kernafval die nog op onze zeebodem leggen zullen de komende decennia al genoeg zorgen met zich mee brengen. Innovatie dienen we dus veel meer te stimuleren. Net zoals het verbranden van hout in kolencentrales is de opslag van CO2 onder de grond korte termijn denken, om zo toch maar onze 2% economische groei in stand te houden.  De echte oplossing bestaat eruit om eerst vast te stellen wat de aarde kan dragen of regeneren zodat we niet jaarlijks op 1 augustus al in het rood gaan.  Hierop dient dan de grootte van een economie te worden op afgestemd (als je toch duurzaam op lange termijn wilt denken).

En nee dan hoeven we niet terug naar de donkere middelen, maar gewoon naar het welvaartsniveau van eind jaren zestig.  Daar komt wel de variabele van de bevolkingsaangroei bij, die zelfs dit model moeilijk realiseerbaar maakt.  Geboortebeperking is dan een andere prioriteit om naar een duurzame samenleving te kunnen gaan en zou zelfs onderdeel moeten zijn van ieder klimaatakkoord.  Er is nu eenmaal een impact op het milieu/klimaat voor iedere mens die wij op de aarde zetten.  Een doelstelling op lange termijn (100 jaar) van maximum 2 miljard mensen klinkt hard, maar kan gaan zonder science fiction scenario’s.  Het brengen van welvaart naar iedereen is trouwens één van de motoren achter geboortebeperking (lees wij geven ons teveel aan welvaart aan degene die er te weinig van hebben).

Het zou dapper zijn van de Verenigde Naties dat zij niet alleen de alarmbel luidt wat het klimaat betreft, maar ook durft te zeggen wat er echt nodig is om een duurzame samenleving te bouwen die de planeet kan verdragen.  Een nobele gedachte?  Helemaal niet, gewoon onze plicht om de planeet achter te laten voor de volgende generaties...