Energie-Blog

André Jurres

1 okt 2012
136

Vorige week was ik in Cyprus op de jaarlijkse conferentie voor gas- en olieontginningen in het Middellandse Zeegebied. Op het eerste zicht geen doelgebied waar ik me normaal mee bezig houd, maar het blijft nu eenmaal belangrijk om verder te kijken dan onze neus lang is.

Opvallend hier was de hoge opkomst en de aanwezigheid van ambassadeurs, minister(s) en de lokale nationale televisie. Dat heeft veel te maken met het feit dat er grote hoeveelheden gas gevonden zijn op of beter gezegd in de zee(bodem). Dat de zee op de meest interessante plekken 2500 meter diep is, vormt geen grote belemmering want daarna moet men nog eens 2000 meter dieper alvorens het gasvormige goud naar boven te kunnen brengen.

Eerst zal er nog veel water door de Middellandse zee stromen, want er moet niet alleen een LNG terminal in Cyprus gebouwd worden, maar ook leidingen tussen Cyprus en Israel. Eén van de andere voorwaarden is tevens dat Israel en Cyprus dit project gezamenlijk gaan oppakken zodat het gas (van onder andere Israel) tot in Europa geraakt. Dat dit alles nog vijf tot tien jaar gaat duren, is volgens de meesten de verwachting. De potentieel haalbare velden kunnen tot 2,5 keer Slochteren bedragen en dat is niet te verwaarlozen.

Dat Europa interesse heeft in dit gas staat als een paal boven water omdat ze zo minder afhankelijk worden van Russisch gas. Dat de geopolitiek een grote rol speelt in dit gebied zal ook niemand verbazen, maar het was alvast positief dat er grensoverschrijdende samenwerking mogelijk lijkt in dit gebied. De huidige spanningen tussen Israel en Iran houden wel enig risico in op de ontwikkeling van deze velden, maar op lange termijn zal de taal van de dollar/euro de redelijkheid wel laten terugkeren.

Opvallende toespraken waren er zeker, maar een heb ik onthouden, deze was van dhr. Hoogakker, senior business analist bij Gasterra (Nederlandse gasmaatschappij), die een blik gaf of beter gezegd zou geven van de toekomstige positie van gas in de regio en de wereld. Dat hij binnen enkele dagen op pensioen gaat heeft de beste man blijkbaar geïnspireerd om vrijuit te spreken.

In gans zijn toespraak heeft hij met zo goed als geen woord over gas gesproken, maar brak hij een lans voor het toekomstig potentieel van zon. Deze duurzame bekeerling van Gasterra had een duidelijk verhaal over de enorme groei die zonne-energie kan hebben de komende twintig jaar in de fuel mix. Deze duurzame drang van iemand uit de gassector is veelzeggend daar zijn masker was afgevallen nu hij wegging bij dit gasbedrijf. Ik vond zijn stelling verfrissend tussen al dat fossiele geweld.

Dat Cyprus op dit ogenblik zware olie gebruikt om zijn elektriciteit op te wekken is als Europees land gewoon niet houdbaar en in dat licht is de gasvondst positief te noemen. De stelling dat gas voor een duurzamere samenleving zorgt  vind ik toch iets te positief als men objectief wil blijven. Het is niet omdat je een stookolie of kolencentrale vervangt door een gascentrale dat je goed bezig bent. Natuurlijk maakt men zijn uitstoot veel schoner, maar de keuze voor gas blijft een gemakkelijkheidoplossing. Dat gas in piekcentrales nuttig kan zijn zal niemand betwisten, maar gascentrales inzetten als basislastcentrales is gewoon het probleem verschuiven naar de toekomst.

Als ieder land morgen volledig op gascentrales overschakelt, zitten we binnen afzienbare tijd weer met een probleem van bevoorrading. Dat duurzaam de basis dient te worden wordt nu zelfs bevestigd door gasexperts zelf (lees hierboven).

Dat we naar een uitstootvrije energiehuishouding moeten gaan, staat als een paal boven water en het is duidelijk dat de huidige 50 GW aan opgestelde zonnepanelen en de 100 GW aan windmolens in Europa nog slechts een begin zijn, willen we dit doel bereiken.