Energie-Blog

André Jurres

27 feb 2012
129

Dat de federale overheid zijn budgettaire zorgen met de dag ziet toenemen, zorgt voor een vernieuwde creativiteit om toch maar meer inkomsten te vinden. Op zich een begrijpelijke reflex om de weg van de minste weerstand te kiezen, want besparen op de uitgaven gaat ten koste van de dienstverlening en werkgelegenheid.   

 

Het nieuwe idee (voorstel van minister de Crem) om onze kerncentrales terug onder staatseigendom te brengen komt met de regelmaat van de klok weer in de media, alleen blijft het meestal bij woorden. Nu lijkt het me wellicht ook onmogelijk om privé eigendom in beslag te nemen. Als men uitgaat van de absolute wens om dergelijke centrales terug onder de staat te brengen (zoals in Frankrijk het geval is) dan zal men toch tot een overeenkomst moeten komen met de huidige eigenaars. Dat deze niet direct ja gaan zeggen op dergelijke vraag hoeft niemand te verbazen gezien deze centrales nu maximaal renderen (lees zijn al geruime tijd afgeschreven). Hoewel voor de juiste prijs kan dit altijd gezien de levensduur niet meer zo gek lang is (de oudste drie kerncentrales sluiten in 2015, de rest in 2025).  

 

Wellicht is een dergelijk scenario mogelijk, maar dan zal de federale overheid dapper moeten zijn en blijven vasthouden aan de geplande uitstap en tegelijkertijd een alternatief bieden voor de huidige eigenaar(s). Zoals ik al eerder heb gezegd moet men ook durven denken aan nieuwe kerncentrales, maar dan alleen met de overheid als meerderheidsaandeelhouder en de privé partner als uitvoerder en medeaandeelhouder.  

 Het onteigenen echter van de bestaande centrales lijkt me gewoon niet haalbaar en men zou dus beter kiezen voor het oprichten van een tijdelijke aankoopcentrale die de bestaande output van de kerncentrales aankoopt en dan verder in de markt zet. Gezien de nog relatief korte levensduur van de bestaande centrales moet men de huidige winsten voor een stuk opsparen zodat er voldoende middelen gaan zijn om in nieuwe oplossingen te gaan investeren. 

De single buyer (aankoopcentrale) zal tegen kost plus zijn energie aankopen bij de huidige eigenaar(s) van de kerncentrales zodat er een ruime marge overblijft. Ook kan men deze aankoopcentrale gebruiken als hefboom om bedrijven een steuntje in de rug te geven als zij willen investeren in nieuwe productie. Dit idee heb ik al een aantal keren naar voren gebracht, maar het blijft actueel op een moment dat vele investeringen gewoon niet gebeuren door de moeilijke marktomstandigheden. Dit heb ik trouwens ook in de studie van 2008 (Back to the future) nog eens laten uitwerken en berekenen. Deze studie hebben alle bevoegde partijen ontvangen. 

 Een ander voordeel van deze tijdelijke aankoopcentrale is dat de overheid terug ervaring opbouwt in het vermarkten van grote energiestromen alvorens ze mee gaat investeren in mogelijk nieuwe kerncentrales. Dit is echter geen pleidooi om de liberalisering volledig terug te draaien, maar kernenergie is niet geschikt voor privé doeleinden. Het risico op rampen (kijk naar Fukisjima) is gewoon niet te verzekeren tegen een haalbare kost en is het dus toch de gemeenschap (lees overheid) die ervoor opdraait. Verder zijn alle lange effecten van de noodzakelijke verwerking en opslag van kernafval nog steeds niet in kaart gebracht (of te brengen) en heeft men nog steeds geen definitieve opslagplaatsen. 

 Dit wil niet zeggen dat de privésector geen aandeelhouder kan zijn of belangrijk is in de dagdagelijkse operatie van dergelijke centrales of de volledige output kan afnemen, maar het is alleen de gemeenschap/overheid die de volle verantwoordelijkheid kan nemen.