Energie-Blog

André Jurres

6 feb 2012
123

Het koude weer van de afgelopen dagen heeft in ieder geval als verdienste dat energie weer even op de voorgrond treedt na de constante stroom van slecht economisch nieuws. Dat bedrijven als Bekaert deze week grote afslankingen aankondigen door het stilvallen van de zonnepanelen-boom  is ook geen verrassing.

De politiek haastte zich om te zeggen dat zij er niets aan kon doen, maar dat is eigenlijk niet helemaal correct. Het afbouwen van de subsidies is niet zozeer het probleem voor het stilvallen van de vraag naar zonnepanelen als wel het afbreken van diezelfde subsidie. Als je kijkt naar bijvoorbeeld Frankrijk of Engeland dan hebben ze daar enkele maanden na het installeren van subsidieregels voor de installatie van zonnepanelen deze alweer afgeschaft.

Beleid is naar mijn mening goed voorbereid en lang op voorhand aangekondigd en niet iets wat je ad hoc invoert.. Ook de nieuwe federale regering heeft de finale nekslag gegeven door de aftrek van investeringen in duurzame energie zowat op een dag af te schaffen. Paniekvoetbal als je het mij vraagt. Men had dezelfde maatregel ook moeten invoeren met een vertraging van 12 maanden zodat de bevolking en industrie zich daar hadden kunnen op voorbereiden.

De afbouw van de subsidie door Vlaanderen per kwartaal is ook snel, maar ze hebben dit wel een jaar op voorhand aangekondigd voor wat de kleine installaties betreft. Wat wel opvalt, is dat na de eerste reactie van mevrouw van Den Bossche (bevoegde minister voor energie in Vlaanderen) ze compenserende maatregelen zou aankondigen voor het afschaffen op federaal vlak van de ondersteuning van duurzame energie, het heel stil is geworden. Nochtans zou een overgangsmaatregel van 12 tot 24 maanden ervoor kunnen zorgen dat de installateurs voor zonnepanelen zich kunnen voorbereiden op het zogenaamde grid parity-verhaal (lees leven zonder subsidie voor zonnepanelen) tegen 2014.

Het blijft hoe dan ook een kans voor Vlaanderen om de duurzame kaart te trekken in zijn industriële ontwikkeling en men dient zich hier zeker op dit ogenblik nog meer op in te zetten. Probleem blijft natuurlijk dat we een kleine interne markt hebben en we zijn dus bijna volledig op export aangewezen en men moet men zijn producten/sectoren dus goed kiezen. In ieder geval hebben we bijvoorbeeld van transport en logistiek een speerpunt gemaakt, maar hier hebben we zeker ons maximum bereikt, gezien de status van onze wegen (lees we staan allemaal iedere dag stil).

Dat we deze week een recordverbruik hebben gezien van gas hoeft geen verrassing te zijn gezien de koude temperaturen en de groei van het aantal aansluitingen. Jaarlijks komen er zowat 50.000 gasklanten bij waardoor de sector automatisch groeit. Dit betekent inkomstengroei voor onze netwerkbedrijven (en leveranciers) waar ze wel voor moeten investeren daar iedere nieuwe aansluiting natuurlijk moet gebouwd worden. Aan de andere kant zal de opkomst van decentrale duurzame productie ook minder inkomsten betekenen voor dezelfde netwerkbedrijven.

Het ene zal het andere voor een stuk kunnen compenseren waardoor deze bedrijven zich wellicht iets minder defensief gaan opstellen voor wat hun monopolie betreft. Hun monopolie zorgt ervoor dat hun enthousiasme voor duurzame lokaal geproduceerde energie niet erg groot is, toch niet als het hun geld kost. Denk wel dat de regelgever ervoor moet zorgen dat zij constant aangepaste regelgeving introduceert die rekening houdt met deze nieuwe groeisectoren (hier kom ik volgende week met enkele voorbeelden op terug). In de toekomst kan het best zijn dat er lokale privénetwerken gaan ontstaan rond lokale duurzame productie. Een ander voorbeeld wat we kunnen gaan zien is dat er een slimme energiehuishouding komt waar je buur zonnepanelen heeft, jij windenergie en een andere buur waterstofopslag. De tijd is nu gekomen om deze slimme wijken te gaan ontwikkelen en dit kan ook vanuit een privé-initiatief ontwikkeld worden. Aan de andere kant spelen de netwerkbedrijven ook een belangrijke rol hierin daar ze veel kennis in huis hebben. Als ze toekomstgericht denken dan moeten ze ook aan de regelgever andere oplossingen durven voor te stellen dan alleen maar een algemeen distributietarief. De slimme wijk van morgen zal het grootste deel van zijn energiehuishouding lokaal (willen) houden en hier moet je dus als netwerkbeheerder op inspelen. De netwerkbedrijven spelen als grote monopolist een belangrijke rol in de ontwikkeling van een duurzame energiehuishouding, maar hun inkomstenmodel is nu vooral centraal opgebouwd.

Hiermee bedoel ik dat ze baat hebben bij grote productiecentrales die hun energie vanuit verre afstanden gaan vervoeren naar de eindverbruikers om zo hun inkomsten te beschermen. Dat decentrale duurzame energie juist tegenovergesteld werkt, zorgt voor de noodzaak van een gewijzigde bedrijfsstrategie bij deze bedrijven en hier dient de politiek zich bewust van te zijn. De politiek dient het management van deze monopolisten te ondersteunen in hun zoektocht naar een nieuwe balans in hun toekomstige rol en er tegelijkertijd voor zorgen dat onze huidige kwaliteit betaalbaar blijft voor iedereen.