Energie-Blog

André Jurres

7 mei 2012
131

Mijn week werd eerder door privézaken beheerst waardoor men beseft dat gezondheid een schaars goed is dat we dienen te koesteren. De veelvuldige ziekenhuisbezoeken (niet voor mezelf) gaan steeds gepaard met het zien van zoveel leed en tegelijkertijd dankbaarheid voor zoveel herstel dat het dagdagelijkse in het juiste perspectief komt te staan. Gek genoeg geeft mij dergelijke momenten veel energie om er juist nog harder tegen aan te gaan.

16 mei wordt ons eerste windmolenpark officieel ingehuldigd in Sankt-Vith in het bijzijn van vele betrokkenen (ministers, gemeente, investeerders, etc). In de namiddag is er ook tijd voorzien voor de bevolking om mee te komen vieren en eigenlijk is dit initiatief om de brede bevolking erbij te betrekken een goed, maar noodzakelijk idee. Brede steun zorgt voor een aanvaarding van de maatschappelijke kost voor het verduurzamen van onze energiehuishouding.

De noodzaak voor nieuwe duurzame productiebronnen is wat uit het oog verdwenen daar de brede media milieu beu zijn (of hun lezers) en de crisis beter verkoopt. Ook is de groothandelsprijs voor elektriciteit veel te laag en is de noodzaak om te veranderen vanwege snel stijgende prijzen ook wat verminderd. Dit jaar importeren we in België met momenten 20% van onze dagelijkse energiebehoeften, maar het is nog te vroeg om dit als definitief te beschouwen. Het feit dat onze Noorderburen binnenkort te veel elektriciteitsproductie hebben, zorgt voor een gevoel van behagen met het argument dat we dan wel energie kunnen importeren.

Op zich geen verkeerde redenering totdat er iets gebeurt waardoor onze buren tijdelijk niet kunnen exporteren. Wat gaan we dan doen? We hebben natuurlijk wel reservecapaciteit en we kunnen hiervan nog meer bouwen, maar dat kost zeer veel geld en is zeer onrendabel.  Dat de politiek denkt om dit aan Elia te geven (lees controle over reservecapaciteit) is op zich logisch, alleen dient men wel te begrijpen dat dit de kostprijs van het transporttarief gaat doen verhogen. Men doet er goed aan om dit op voorhand eerst door een neutrale derde partij te laten uitrekenen (wat het meer mag kosten), dit tevens door Elia te laten uitrekenen en hier transparante afspraken over te maken voor de lange termijn.

Waarom? Het gebruik van eigen reservecapaciteit door Elia dient eigenlijk te gebeuren aan kost + en niet aan een artificiële marktprijs. De bedoeling is niet dat hier in de toekomst extra winst mee gemaakt wordt (door bijvoorbeeld op momenten dat de groothandelsprijs hoog staat de centrales te laten werken ongeacht of dit voor de leveringszekerheid noodzakelijk is) of deze winst dient apart en uitsluitend gebruikt te worden om de meerkost van deze reservecapaciteit te laten dalen (het beste is om deze toekomstige taak voor Elia in een aparte vennootschap te laten plaatsvinden onder volledige jaarlijkse controle van de federale regulator Creg).

Verder kwam er toch ook opvallend nieuws uit Japan (hoewel niet verrassend) waar de Japanse overheid Tepco gaat overnemen om er zo mede voor te zorgen het bedrijf niet ten onder gaat. Dit bewijst andermaal dat de maatschappelijke risico's van kernenergie te groot zijn voor privémaatschappijen en deze minstens in mede-eigendom (minstens % meerderheid) in het bezit van gemeenschap dient te blijven. Dit wil niet zeggen dat ik voor een verplichte nationalisering ben van ons huidig kernenergiepark. De productie kan trouwens wel afgeroomd worden door de overheid via een tijdelijke aankoopcentrale onder controle van dezelfde overheid (totdat er voldoende alternatieve concurrenten zijn).

Voor nieuwe kerncentrales in de toekomst kan alleen de overheid hiervoor het maatschappelijk draagvlak creëren en vooral de risico's op zich nemen waar privéondernemingen gewoon te klein voor zijn(gezien de ervaring nu met Tepco).  

Een ander opvallend gegeven is dat in Nederland men erin geslaagd is om bij de toekenning van de duurzame subsidies voor nieuwe productie geen enkel windmolenpark te vinden dat kan uit ontwikkeld worden. Het gros van de middelen gaat naar geothermische boringen (meer dan een miljard euro) wat mij doet vermoeden dat Nederland toch dichter bij IJsland ligt dan ik dacht. De actieve vulkanen en geisers doen het beste vermoeden, alleen is het toch gek dat ik deze nog niet in Nederland ben tegengekomen. Dit enigszins ironisch bedoelde zinnetje duidt wel op een structureel onvermogen (of onwil?) van de Nederlandse politieke verantwoordelijken) om nu eens orde op zaken te stellen en te stoppen met het geknoei. Waarom overleggen ze niet met hun Vlaamse/Waalse collega's om zo hetzelfde ondersteuningssysteem in de markt te zetten (een hybride oplossing) zodat certificaten uitwisselbaar worden. Moeilijk te begrijpen dat de sector in Nederland niet harder roept dat het genoeg is geweest.