Energie-Blog

André Jurres

30 jul 2012
136

Blijkbaar zijn onze Noorderburen ook wakker geworden want de churn/wissels gaan snel de hoogte in. Tien tot vijftien percent van de klanten wisselt er dit jaar van leverancier en dat is vergelijkbaar met wat we zien in Vlaanderen/België. Wat de oorzaken zijn, zou voor de hand kunnen liggen mocht het niet zijn dat ik niet alleen geloof dat dit door de zogenaamde prijsverhogingen komt.

Natuurlijk zorgt iedere prijsverhoging voor een verhoogd aantal klanten, die van leverancier wisselen, maar dat is slechts het kortetermijneffect. Men vergeet echter de langetermijnoorzaak en dat is de liberalisering zelf die nu een kleine tien jaar geleden begonnen is. De drempel (lees bekendheid) om te veranderen van leverancier is nu zo laag geworden dat de (gedwongen) loyaliteit van de klant lager wordt. Men is weeral vergeten dat bijvoorbeeld tien jaar geleden de gemiddelde klant dacht dat er nieuwe kabels moesten aangesloten worden (en gegraven) als je van leverancier veranderde.

Ook mag men niet onderschatten dat de meeste mensen zeer conservatief zijn in hun gedrag en hierdoor argwanend staan tegenover alles dat nieuw is en dus geen notoriteit (lees bekendheid en daar aan verbonden betrouwbaarheid) heeft. De klanten hadden tijdens de eerste jaren van liberalisering ook geen echte vergelijkingsmiddelen om tarieven te beoordelen tussen de verschillende leveranciers. Die enkele nieuwe leveranciers die in 2002/2003 begonnen hadden ook hun groeipijnen daar ze moesten beginnen in een markt die vroeger niet bestond. De in het begin gebrekkige of afwezige spelregels (lees wet- en regelgeving) zorgden ook voor hoofdbrekens bij de IT-ontwikkelaars die te pas en te onpas weer nieuwe regels opgelegd kregen waardoor hun systemen niet de tijd kregen zich te stabiliseren.

In Nederland bijvoorbeeld gebeurden de switchen van klanten zelfs nog manueel in het begin omdat de IT-systemen er gewoon niet klaar voor waren. U begrijpt dat dit de kwaliteit en snelheid niet echt ten goede kwamen zodat media en consumentenprogramma's de sector al snel als mikpunt zagen. Vervolgens ging de politiek dan ook nog extra regels opleggen ook al waren zij het die de liberalisering in gang hebben gezet (of moesten).

Nu de markt na de moeilijke aanloopjaren gestabiliseerd is en de processen goed geïnformatiseerd zijn kunnen de leveranciers ook grote klantaantallen aan. De klant zelf begrijpt nu ook goed dat het veranderen van leverancier geen enkel risico inhoudt (buiten dan de tot voor kort terecht of onterecht aangerekende verbrekingsvergoedingen) en vindt hij ook de weg naar de vergelijkingswebsites van de diverse regulatoren.

Het zou wellicht ook nuttig zijn als de overheid zou laten onderzoeken wat nu de effecten geweest zijn van vijf tot tien jaar liberalisering voor de consument. Wetende dat er zeer weinig winst/geld wordt verdiend aan een eindklant (in Nederland is dit € 25 - € 30 per jaar!) en men voor de liberalisering zeer veel heeft moeten investeren in allerlei IT-systemen en marksystemen is het nog maar de vraag of de balans niet negatief is. Dat we allemaal baat hebben bij de meest efficiënte prijs zal niemand ontkennen, maar de constante aandacht (en enige zowat) voor het element prijs heeft de markt geen goed gedaan.

De perceptie die gecreëerd wordt door iedereen (leveranciers, regulatoren, politici) dat de prijs altijd beter kan is gevaarlijk en zelfs misleidend. Het heeft er bijvoorbeeld ook voor gezorgd dat investeringen achterwege blijven want men heeft geen zekerheid als investeerder. In Duitsland moeten er dringend investeringen gebeuren in het hoogspanningsnet (lees het windrijke noorden verbinden met het zonnige zuiden, hiermee bedoel ik de 20 GW wind in het noorden verbinden met de 20 GW zon in het zuiden). In België tevens in het netwerk en in productie, in Nederland in duurzame energie, maar deze gebeuren veel te weinig.

Juist op een moment dat er miljarden (lees honderden) dienen geïnvesteerd te worden is er geen enkel langetermijnperspectief om deze terug te verdienen (binnen een redelijke termijn) en ligt de nadruk vooral op het probleem van de al dan niet te hoge prijzen. Men vergeet al snel dat er enerzijds overcapaciteit is in de Benelux (van vooral zeer oude centrales) en dat hierdoor nieuwe investeringen niet rendabel zijn. De overheid zal een tijdelijke rol dienen op te nemen als mede-investeerder in belangrijke infrastructuur werken om zo een start te geven aan duurzame energiehuishouding (inclusief slimme netten, decentrale productie en innovatie).