Energie-Blog

André Jurres

20 jul 2015
133

Ook vorige week werd onze sector weer onderwerp van debat in de media door de aankondiging van minister Turtelboom van prijsstijgingen op de elektriciteitsfactuur. Het terecht wegwerken van de historische kost van groene stroom certificaten over een paar jaar zorgt voor een gemiddelde prijsstijging van 8 % wordt gezegd.

Het woord gemiddeld doet wel niet het beste verhopen voor degene die niet in de gemiddelden zitten, bijvoorbeeld alle mensen die geïnvesteerd hebben in een duurzame warmtepomp om van hun fossiele brandstoffen af te geraken. De goede tendens die al enkele jaren is ingezet om gas- en stookolie ketels te vervangen door warmtepompen dreigt nu omgekeerd te worden.

Recent zagen we al dat een andere stijging van kosten bij de netwerkbedrijven de factuur van mensen met een duurzame warmtepomp zo maar even met 20 % liet stijgen. Een warmtepomp betekent nu eenmaal dat je elektriciteit gaat omzetten in warmte/koude, maar dit op een zeer efficiënte manier. Voor iedere KWh elektriciteit die je verbruikt krijg je er vier terug. Het nadeel is wel dat je elektriciteitsverbruik dus fors stijgt van 200 tot 400 %. Hierdoor moet je natuurlijk geen duizenden liters stookolie aankopen bijvoorbeeld.

Neem aan dat het niet de bedoeling is van de minister om honderdduizenden gezinnen te viseren met deze terechte doorrekening van de historische kost van de groene stroom investeringen in wind, biomassa, biogas en vooral zon. Het is opvallend te noemen dat men niet op voorhand heeft nagedacht over deze onterechte extra doorrekening aan vele gezinnen (en bedrijven) die de laatste jaren geïnvesteerd hebben in duurzame vormen van verwarming.

Het zal trouwens niet de laatste stijging zijn gezien we dienen te blijven investeren in onze duurzame energiehuishouding om onze import van fossiele brandstoffen zo snel als mogelijk af te bouwen. Nu men op dit ogenblik federaal worstelt met het in evenwicht houden van de begroting ligt de recente btw-daling van de vorige regering terug op tafel. Ook hier dient men rekening te houden met al deze gezinnen in Vlaanderen en Wallonië die terecht afwegen of ze verder gaan met stookolie/gas of investeren in een duurzame warmtepomp.

Het is goed om verbruik te belasten alleen moet men natuurlijk ook duurzaam verbruik bevoordelen ten opzichte van fossiel verbruik. In plaats van lineair een btw-verhoging door te voeren zou het veel logischer zijn om bijvoorbeeld diesel/stookolie meer te gaan belasten gezien dit zwaar vervuilende fossiele brandstoffen zijn. Zo kan men voor gas een iets lichtere accijnsverhoging doorvoeren dan voor deze zware brandstoffen. Ook zou men een deel van deze extra inkomsten in een fonds dienen te steken om het toekomstige energiepact te spijzen gezien de enorme uitdagingen waar wij voor staan.

Terugkomende op de historische kost van groene stroom productie dreigt ook een negatieve bijklank te komen over een zo niet het beste ondersteuningssysteem dat we in Europa kennen. De recente aankondigen dat wind en zon met minder of zonder subsidie kunnen zijn voor een deel correct (zeker zon) alleen vergeet men dat we op dit ogenblik nog maar aan het begin staan van een energie omwenteling en dus veel fouten maken. Hoe meer zon en wind bijvoorbeeld hoe meer behoefte aan opslag en dit zou integraal als oplossing dienen te worden meegenomen. Opslag is vandaag niet rendabel zonder ondersteuning gezien ons huidig elektriciteitssysteem is gebouwd voor direct verbruik.

Het is wel positief dat bijvoorbeeld de Vlaamse regering in het najaar testen gaat beginnen met onder andere opslag gezien oplossingen reeds bestaan en nodig zijn. Daar heeft men dan ook aangepaste regel- en wetgeving bij nodig om ruimte te maken voor decentrale opslag. In theorie verdient iedere zonnepaneleninstallatie een opslag zodat je de energie kunt benutten wanneer je hem nodig hebt en niet zoals nu de meter begint terug te draaien.

De gevolgen van nieuwe decentrale productie hebben de sector van historische grote spelers toch verrast en ze hebben dan ook voor een groot deel de spreekwoordelijke boot gemist tot nu toe. In Duitsland is meer dan 90 % van de decentrale groene stroom/gas productie niet in handen van de top vier energiebedrijven (RWE/E-on, Vattenfall, etc..), maar ze krijgen wel te maken met de gevolgen hiervan. Dat men dan via de zogenaamde Margritte groep aan de Klaagmuur is gaan staan getuigde niet van veel realisme. Nu veranderen ze het geweer van schouder gezien de recente investeringen en aankondigen van partijen als Engie (Electrabel) die recent in Frankrijk een bestaande speler in zon hebben overgenomen.

Blijkbaar groeit het besef dat duurzame energie niet meer marginaal is, maar zelfs een gevaar betekent voor hun huidig bedrijfsmodel en nu hopen ze om nog de omslag te kunnen maken. Gezien hun nog steeds aanzienlijke kasstromen zijn ze zeker niet kansloos alleen staat het decentrale productiemodel wel haaks op hun organisatie en kennis. Hopelijk versterken ze de groei van duurzaam zonder deze markt over te nemen van de vele kleine initiatieven die burgers opstarten.