Energie-Blog

André Jurres

21 nov 2016
139

De energiesector kijkt momenteel naar de toekomst maar in tegenstelling tot de media aandacht kleurt deze vooral nog fossiel. De terechte waarschuwing van het IEA(International Energy Agency) wordt nog meer kracht bijgezet door de euforie die ontstaat bij weer een vondst van schaliegas/olie in Amerika, vorige week. Een mogelijke grote vondst in Texas wordt onthaald als geweldig nieuws gezien dit de Amerikaanse economie minder afhankelijk maakt van import.

Door dit te zeggen bevestigen de partijen eveneens dat ze ook van plan zijn om deze grondstoffen te ontginnen en dat doe je niet voor een paar jaar. Er is zelfs een consensus op het eerste gezicht tussen de fossiele sector en de duurzame sector als het op gas aankomt. Beide zeggen dat dit de transitiegrondstof bij uitstek is, alleen niet voor dezelfde redenen.

Gas meenemen als vervanger van kolen en kernenergie is geen optie en zelfs geen transitiegrondstof. Gas als basislast energie gebruiken lost het probleem van de klimaatopwarming niet op ook al zijn er op korte termijn wel voordelen. De politici dienen goed te begrijpen dat het woord transitie voor de eigenaren van gasvelden niet betekent dat ze er mee willen ophouden of minder willen gebruiken. Integendeel, het gebruik van gas is voor hun een middel om de vraag enorm te doen stijgen en zo hun verlies aan andere fossiele verkopen in te dekken.

Op dit ogenblik is het zo'n 20 graden te warm aan de Noordpool maar nog steeds wordt hier niet genoeg aandacht aan gegeven. Dit hopelijk tijdelijk fenomeen zou iedereen wakker moeten schudden dat welke fossiele brandstof dan ook, het gebruik tegen 2050 alleen nog marginaal kan zijn. Kijkende naar ons land is het toch merkwaardig dat er zo weinig vooruitgang geboekt wordt rond deze transitie. Men duwt als het ware de hete aardappel voor een deel vooruit naar de volgende generatie ook al ziet men er de noodzaak wel van in.

Met de paar windparken op zee die we nu momenteel in België hebben kan het al zijn dat deze in december moeten worden afgeschakeld gezien de vraag dan afneemt en er juist vaak veel wind is. Deze absurde situatie toont aan dat we nu oplossingen moeten bedenken om geen energie verloren te laten gaan wat trouwens ook slecht is voor het rendement van dergelijke parken. Kunt u het zich voorstellen dat we naar de volle +2000MW op zee gaan en deze in december moet worden afgeschakeld omdat we geen visie hadden op een technische oplossing.

Toch zijn er al oplossingen in het vizier met de ontwikkeling van meer performance waterstofsystemen die vlot naar de 10MW opslag gaan in de praktijk. Deze zijn trouwens op te schalen naar 50 tot 100MW als je deze in serie zet. Zo kom je al aardig in de buurt om per windmolenpark opslag te kunnen uitbreiden zodat geen enkele KWh van wind en zon verloren gaat. Men beseft niet dat we voor een deel het Abu Dhabi van de Noordzee kunnen worden als we zelf brandstof gaan produceren. Al is het in eerste instantie maar voor onze eigen behoeften. Een windmolenpark van 400 MW op zee kan bijvoorbeeld alle bussen van de Lijn heel het jaar laten rijden op waterstof.

Anders dan met elektriciteit voor onze toekomstige stadsauto's, kunnen we deze energiebron opslaan en dit gedurende lange tijd en ook omzetten naar mobiliteit. In eerste instantie zou men met btb toepassingen zoals openbaar vervoer ook waterstof kunnen valoriseren binnen het bestaande certificatensysteem voor groene stroom en zo voor productie en opslag van groene waterstof een aantal certificaten kunnen toekennen. Door dit te doen voor deelmarkten kan de overheid ook ineens ervaring opdoen met deze vitale schakel in onze energiehuishouding van 2030-2050. Deze schakel van grootschalige opslag is minstens zo belangrijk als gas te gebruiken als transitiegrondstof en zelfs essentieel om de waarheid te zeggen dat we ook met gas gaan stoppen als brandstof. Als je geen betrouwbare energievoorziening kan uitbreiden zonder CO2 uitstoot (lees bevoorradingszekerheid) dan is gas helemaal geen transitiebrandstof maar gewoon meer van hetzelfde. Deze waarheid wordt door vele vooraanstaande onderzoekers verteld, alleen vinden zij nog onvoldoende gehoor.

Natuurlijk is het positief als politieke partijen stellingen nemen zoals de partij Groen en CD&V Jongeren in Vlaanderen om deadlines op te leggen om fossiele brandstoffen uit te faseren tegen 2030, alleen is de praktijk wat weerbarstiger. Als een bedrijf als de openbare busmaatschappij De Lijn in zijn investeringsprogramma alleen hybride bussen meeneemt wil dat eigenlijk zeggen dat ze op diesel en gas blijven rijden en dus het lange termijn objectief niet vertalen in correcte doelstellingen. Dat is trouwens niet de schuld van het bedrijf maar van zijn aandeelhouder die vanuit een visie binnen een raad van bestuur duidelijke opdrachten dient mee te geven op dit punt. CO2 vrij openbaar vervoer, bijvoorbeeld tegen 2030, is perfect mogelijk alleen moet je dan nu wel de opdracht geven omdat een vloot van 2000-2500 bussen vervangen een lange voorbereiding vergt.

De zoektocht naar een duurzame uitstoot vrije transitie is een lange en moeilijke oefening waar harde keuzes moeten gemaakt worden die in wet- en regelgeving dienen te worden vastgelegd en dat op een dergelijke wijze dat toevallige regeringswisselingen dit beleid dienen verder te zetten en alleen kunnen bijsturen waar nodig.