Energie-Blog

André Jurres

31 okt 2016
138

Afgelopen dinsdag was ik in Antwerpen op het jaarlijks waterstofcongres georganiseerd door de vzw Waterstofnet die zowel in Nederland als in België actief is. De opkomst was groot te noemen met meer dan 250 deelnemers waarvan 30% uit Nederland. Bemoedigend was ook dat 70% van de deelnemers afkomstig was uit de industrie.

Zelfs oliemaatschappijen waren aanwezig gezien zij interesse hebben in het toekomstig potentieel van waterstof als duurzame brandstofbron. Voor distributie is een toekomstige schone brandstof als waterstof ook belangrijk voor de oliemaatschappijen daar een aantal van hen ook overal tankstations heeft en zo een vitale rol speelt in de introductie van deze nieuwe schone brandstof.Ookal heeft de brede media het meestal over elektriciteit als alternatief voor de fossiele brandstoffen, de praktijk zal genuanceerder zijn. Voor toepassingen binnen steden zijn batterijtoepassingen zeker nuttig voor korte verplaatsingen en kun je verwachten dat in kleine gebieden zoals Vlaanderen de penetratie van elektrische voertuigen groter zal zijn dan bijvoorbeeld in landen als Duitsland.

Men moet het zien als een verhaal met meerdere mogelijkheden waar waterstof een bondgenoot is van batterijen en andersom. Nu hoor je wel dat het introduceren van waterstof in de brede maatschappij meer inspanning zal vergen, maar dat is slechts ten dele waar. Binnen een 100% duurzame energiehuishouding in de toekomst, zonder uitstoot, zal de elektrificatie een zeer belangrijke rol spelen, maar dan ook in zaken zoals verwarming. Het massaal overschakelen naar bijvoorbeeld warmtepompen in de plaats van dieselketels is wel iets van lange adem en vergt ook een aanpassing van het distributienet en zijn tarieven.

Europa en de Commissie begrijpen zeer goed dat de zoektocht naar de juiste balans met nieuwe energiedragers geen gelopen race is en dat het kiezen voor een drager niet echt een optie is. Natuurlijk kan je theoretisch alles op elektriciteit laten werken. Alleen gaan we dan onze productie met een veelvoud moeten vergroten. Decentrale productie kan zeker een belangrijke bijdrage leveren aan het verbruik in uw huishouden, alleen maakt dit slechts een eerder klein deel uit van het totale energieverbruik.

Alle huishoudens samen zijn goed voor een 20% van het elektriciteitsverbruik (voor verwarming is dit vandaag iets hoger zijnde een derde) en de rest gaat naar onze bedrijven. Nu mag je niet de fout maken van een zij en wij verhaal want uiteindelijk produceren en werken alle bedrijven voor ons, de consument. Hier mag je de overheid ook bij rekenen want ze leveren diensten aan de gemeenschap. Onze zware industrie en dan vooral de 1500 grootste energieverbruikers zijn al goed voor meer dan de helft van het elektriciteitsverbruik en hiervoor heb je nu eenmaal andere oplossingen nodig dan alleen maar zon en wind.

Hetzelfde geldt een beetje voor zaken zoals openbaar vervoer, treinvervoer, watertransport, luchttransport en wegvervoer. Allemaal zaken die in de toekomst op een andere manier dienen voorzien te worden van brandstof dan vandaag. Het is daar dat de eerste grote slag moet gewonnen worden want het verbruik daar is professioneel en in verhouding dus vele malen groter. Een vrachtwagen rijdt gemiddeld 100.000 km per jaar en verbruikt 30 liter diesel per 100 km, rekent u zelf. Voor grote vrachtschepen (waarvan er iedere dag 300.000 de wereld rondvaren) is het verbruik nog vele malen groter en de uitstoot een zware aanslag op mens, dier en milieu.

Waterstof heeft hier een aantal troeven om dit zware vervoer in de toekomst te gaan aandrijven. Zelfs onze personenwagens zullen voor een deel op waterstof rijden, dat wil zeggen waterstof tanken en elektrisch rijden voor langere afstanden of groter personenvervoer.

Een ander voordeel van waterstof is dat je het voor lange termijn kan opslaan in grote hoeveelheden zoals onze olie nu. In onze mobiele economie een absoluut vitale schakel om het systeem betrouwbaar te maken.

Een ander indirect groot voordeel voor de massale uitrol van zon en wind is dat we deze veel efficiënter gaan kunnen gebruiken. Het teveel aan geproduceerde windenergie op zee bijvoorbeeld gaan we zo in waterstof kunnen omzetten en vooral gebruiken als brandstof voor onze mobiliteit. Wanneer nodig kun je de waterstof zelfs terug omzetten in elektriciteit ook al is dit eerder te zien als back-up gezien de efficiëntie daardoor wel lager wordt.

Natuurlijk is de opkomst van een nieuwe brandstof niet mogelijk zonder dat er ruimte gemaakt wordt in het beleid en hier blijft de Benelux jammer genoeg wat achter. Opvallend te noemen trouwens gezien we nu eenmaal een van de grootste waterstofnetwerken hebben! De overheden dienen via onder andere regel- en wetgeving de uitrol van waterstof mogelijk te maken gezien de huidige brandstoffen artificieel weinig kosten. Gezien de milieukost (lees uitstoot) er netjes wordt buitengehouden krijg je een totaal verkeerd beeld van de maatschappelijke kost van fossiele brandstoffen.

Dat de overheden nog lang niet mee zijn bewijst trouwens ook nog de klimaattop in Rotterdam van deze week waar naar goede gewoonte in aanwezigheid van premier Rutte iedereen zich op de borst klopte dat we goed bezig zijn. Een zeer opvallend statement van de premier op een moment dat we nog maar aan het begin staan van de omslag en Nederland toch eerder een van de minder goede leerlingen is op dit vlak. Gelukkig is deze regering wel aan een inhaalslag begonnen door de uitbouw van meer duurzame energie, maar ze dient wel aandacht te hebben voor het bereiken van minder uitstoot. Duitsland indachtig als gidsland moet men concluderen dat er nog geen gram minder uitstoot is gerealiseerd ondanks de al hogere penetratie van zon en wind.

We moeten net zoals Denemarken bindende doelstellingen maken waarvan de uitfasering van fossiele brandstoffen gewoon een feit moet zijn tegen 2050. Ookal klinkt dit ver weg het is voor sommige keuzes eigenlijk al morgen en men dient dus tegen 2030 ook al bindende doelstellingen te maken. Voor België zou dit bijvoorbeeld het uitbannen van stookolie kunnen betekenen enalle openbare vervoer CO2 vrij maken (lees waterstof in combinatie met batterijen, groen gas, etc.).