Energie-Blog

André Jurres

De toekomst voorspellen laat de mensheid maar het best over aan de goden, maar vooruitdenken is meer dan ooit nodig.  Niet alleen aan morgen, maar ook veel verder, zodat ook komende generaties kunnen genieten van deze mooie blauwe planeet.

Dat is geen geitenwollensokkenverhaal, maar één van durven zeggen waar het op staat en het maken van soms harde keuzes.

Recent is die keuze wederom voor ons gemaakt door het roekeloze geweld van de huidige president in het Witte Huis en zijn goede vriend in Israël.  Denk toch dat sommige van mijn Joodse voorouders, die aan den lijve ondervonden hebben hoe vervolging en uitroeiing eruitzagen, zich omdraaien in hun graf.  Het geweld waarmee bijvoorbeeld Palestijnen worden uitgeroeid is niet minder dan massamoord te noemen en hiervoor is geen enkel excuus.

Dat we in het Westen nu weer hard kennis maken met bovenstaande uitwassen door middel van een hoge prijs aan de pomp, is maar een heel kleine prijs.  De mens is hardleers en hoe vaak hebben we na vorige conflicten met hoge olie- en gasprijzen niet gezegd: nooit meer.  Dapper riepen onze politici: we gaan onze afhankelijkheid afbouwen van twijfelachtige regimes.

Nochtans is er een veel belangrijkere reden om snel afscheid te nemen van het verbranden van fossiele brandstoffen, en dat is de klimaatsverandering.  De huidige temperaturen in het westen van de Verenigde Staten zijn wat mij betreft een veel grotere bedreiging dan de straat van Hormuz. De kikker wordt langzaam opgewarmd, maar uiteindelijk sterft hij toch door het koken.

Men mag dan al terecht afscheid hebben genomen van het Russische gas; het alternatief is wellicht nog slechter.  De president in het Witte Huis zegt openlijk dat we ons moeten gedragen, anders draaien ze de LNG-kraan dicht.     Je reinste powerplay, maar in zijn hoofd de normaalste zaak van de wereld.  Bij de Russen hadden we nog enige hefboom, gezien ze ons geld nodig hebben; bij het Witte Huis en zijn potentaat is dat helemaal niet het geval.

Wat moeten we dan wel doen?  Op korte termijn gaan we andermaal energie moeten besparen. Ook dit is eigenlijk heel positief te noemen, want was het niet de bedoeling dat we minder fossiel gingen gebruiken in plaats van meer?  Dat de wereld hopeloos verslaafd is aan het spul is allang geweten, maar de patiënt wil niet afkicken.  Nu we weer cold turkey moeten gaan, gezien er mogelijk hier en daar tekorten komen, doet onze zin om te besparen nog niet toenemen.

Zelfs als er morgen weer stilte is in het Midden-Oosten, dan nog gaan we de volle impact pas over enige tijd zien. Dat Qatar jarenlang zijn LNG-installatie terug moet heropbouwen, gaan we zien in de prijzen.  Op zich zijn er alternatieven genoeg in de wereld, alleen vang je 17% minder export van LNG vanuit Qatar niet zomaar op.  De hoogst biedende zal de LNG-schepen zijn richting op sturen en dat betekent dat Europa zijn voorraden gaat moeten vullen met hogere prijzen.  Aan dit effect is op korte termijn niets te doen.

Erger is dat onze industrie voor een deel zijn productie heeft uitgebouwd op goedkoop en voldoende beschikbaar aardgas.  Of het nu is om bijvoorbeeld kunstmest te maken of om stroom te maken in gascentrales. 

Of witte waterstof ons gaat redden in Europa is hoogst twijfelachtig. Witte waterstof bevindt zich in de diepe ondergrond op sommige plaatsen, en de kostprijs van het winnen staat nog lang niet vast.  Iedere potentiële grondstof is het onderzoek waard, maar dit gaat ons de komende vijf tot tien jaar ook niet redden. 

Hetzelfde voor meer kernenergie: zeker mogelijk, maar toch een technische uitdaging en een maatschappelijke keuze.  Voor 2040 zal er dus niet veel nieuwe capaciteit bijkomen in de Benelux.

Wat we weer gaan zien, is kortetermijnuitstelgedrag: laten we nog maar wat langer steenkool gebruiken in onze staalfabrieken of bruinkool in Duitsland voor het maken van elektriciteit.  Steeds is er een nieuw excuus, nu natuurlijk de brand in de Golf, maar het blijft toch vooral symptoombestrijding.

Een harde keuze die zich bijvoorbeeld kan opdringen, is: gaan we kostbare elektriciteit gebruiken voor datacenters of deze gebruiken in de voedselketen om te verduurzamen?  De behoefte aan rekenkracht mag dan al een feit zijn, de levensnoodzakelijkheid ervan is dat veel minder.  Dit zijn de echt harde keuzes waar we nu voor staan en hopelijk beseft de politiek dit ook.  Dat datacenters al een slordige 5% van het elektriciteitsverbruik op zich nemen, is wat mij betreft geen automatisme.  Ook hier dient bespaard te worden, bijvoorbeeld door minder beschikbaar te zijn, bijvoorbeeld 12 uur per dag, of wel altijd beschikbaar, maar dan tegen veel hogere kosten.

Dat kerosine ook schaarser wordt, heeft meer te maken met de productiecapaciteit om deze te maken. Europa dient ook hier harde keuzes te maken en te zorgen dat er voldoende alternatieven komen voor de luchtvaart.    Minder vliegen kan natuurlijk best; vakantie in eigen land of met de trein zijn goede alternatieven.  Het is vooral de wil om te willen veranderen die nodig is.